Een procedure bij de kantonrechter – Hoe gaat dat?

De eerste keer dat ik zelf een rechtszaak voerde staat mij nog vers in het geheugen. Ik was toen nog rechtenstudent, maar ik had net het vak burgerlijk procesrecht gevolgd en ik had een makelaar onterecht bemiddelingskosten betaald bij de huur van mijn appartement. Dat geld wilde ik eigenlijk wel terug en ik hoopte mij even als Harvey Specter te kunnen voelen. Ik ging er daarom voor en ik won. Niet op spectaculaire wijze helaas, maar daarover vertel ik later meer.

Veel zaken die voor mijn opdrachtgevers relevant zijn, worden behandeld door de kantonrechter. De kantonrechter is bevoegd in onder andere zaken die over een bedrag van minder dan € 25.000,- gaan, in huurzaken en in consumentenzaken.1 Bij de kantonrechter hoef je je niet te laten bijstaan door een advocaat. Je kunt zo’n procedure gewoon zelf voeren. Toch laten veel mensen zich bijstaan, maar niet altijd door een advocaat. Zelf voer ik ook geregeld procedures voor de kantonrechter. Voor mijn klanten is dat vaak wel spannend allemaal. Ze vragen zich dan af hoe dat gaat en wat ze allemaal kunnen verwachten. In dit artikel behandel ik kort hoe zo’n procedure in de meeste gevallen verloopt.

Dagvaarding

Een procedure bij de kantonrechter begint met een dagvaarding. In de dagvaarding beschrijft en onderbouwt de eiser zijn vordering. De dagvaarding wordt door een deurwaarder aan de tegenpartij (die wordt de gedaagde genoemd) overhandigd of bezorgd. Vervolgens wordt de dagvaarding aangebracht bij de rechtbank.

Je kunt de dagvaarding zelf opstellen, maar dat kun je ook door een juridisch adviseur, advocaat of deurwaarder laten doen. De dagvaarding moet altijd door een deurwaarder worden uitgebracht.

Reactie (conclusie van antwoord)

De gedaagde krijgt gelegenheid om te reageren op de vordering. Dat kan hij mondeling of schriftelijk op de ‘rolzitting’ doen. De rolzitting is een wekelijkse zitting waarop de kantonrechter nieuwe zaken behandeld. De datum van de rolzitting staat in de dagvaarding. Gedaagden die op de rolzitting verschijnen kunnen mondeling verweer voeren tegen de dagvaarding of vragen om uitstel, zodat zij schriftelijk verweer kunnen voeren. De eiser is normaal gesproken niet aanwezig bij de rolzitting.

Vaker gebeurt het dat de gedaagde de kantonrechter na het ontvangen van de dagvaarding schriftelijk (bij brief) vraagt om uitstel om op de dagvaarding te reageren. De schriftelijke reactie van gedaagde op de dagvaarding wordt de conclusie van antwoord genoemd.

Er zijn ook gevallen waarin de gedaagde niet reageert. In dat geval wordt de vordering van eiser toegewezen (uitzonderingen daargelaten). De kantonrechter doet dan uitspraak. Die uitspraak wordt een verstekvonnis genoemd.

Tweede schriftelijke ronde (conclusie van repliek en conclusie van dupliek)

In sommige gevallen volgt er een tweede schriftelijke ronde. De eiser mag dan reageren op de conclusie van antwoord. De reactie van eiser wordt een conclusie van repliek genoemd. Vervolgens krijgt de gedaagde weer de gelegenheid om op het stuk van eiser te reageren. De reactie van gedaagde wordt een conclusie van dupliek genoemd.

Na deze schriftelijke ronde kan de kantonrechter een uitspraak doen of nodigt hij de eiser en gedaagde uit voor een zitting.

Zitting (comparitie van partijen)

In veel gevallen volgt na de conclusie van antwoord (of na de conclusie van dupliek) een zitting. Die zitting wordt de comparitie van partijen genoemd. De zitting wordt vaak gehouden in een kleine kamer in de rechtbank. De kantonrechter zit daar samen met de griffier.

Tijdens de zitting stelt de kantonrechter de partijen vragen. Tegen het einde van de zitting kan de kantonrechter een voorlopig oordeel geven. Eiser en gedaagde worden vervolgens in de gelegenheid gesteld om te kijken of zij nog samen tot een oplossing kunnen komen (een schikking). Staan beide partijen daarvoor open, dan schorst de kantonrechter de zitting. Eiser en gedaagde gaan dan samen de gang op om te kijken of ze er samen uit kunnen komen. Is dat het geval, dan worden de gemaakte afspraken door de kantonrechter vastgelegd in een proces-verbaal. Lukt het niet om een schikking te bereiken dan zal de kantonrechter uitspraak doen (vonnis wijzen).

Uitspraak (vonnis)

Nadat de zitting is geweest doet de rechter in veel gevallen uitspraak. Die uitspraak is meestal vier weken na de zitting. Indien het om een meer complexe zaak gaat, kan het langer duren. De uitspraak (het vonnis) wordt aan de partijen toegestuurd. Het is dus niet nodig om daarvoor naar de rechtbank te gaan. In het vonnis staat tot welke beslissing de kantonrechter is gekomen en waarom.

Bedankt voor het lezen van mijn blog! Ik hoop dat je er iets aan hebt. Wil je op de hoogte worden gehouden van nieuwe content? Schrijf je dan in voor mijn nieuwsbrief. Je ontvangt dan maandelijks boeiende juridische updates.

Hulp nodig bij het voeren van een procedure bij de kantonrechter, neem dan contact met mij op.

  1. In nog wel meer zaken hoor. Arbeidszaken bijvoorbeeld, maar daarvoor geldt in veel gevallen een andere procedure. Ik noem die daarom niet in deze blog.